Voortgezet Onderwijs

VWO
(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({}); (adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});

HAVO- en VWO-leerlingen zitten in het begin in dezelfde brugklas. In de loop van het derde jaar kies je voor HAVO of VWO. HAVO duurt vijf jaar, VWO zes. Hoe hoger je leerjaar, hoe meer je zelfstandig aan de slag gaat. Je leraar legt sommige dingen uit, maar je gaat zelf ook van alles uitzoeken. Je maakt vaak een verslag, bijvoorbeeld van een boek dat je hebt gelezen. Je zit niet altijd in de klas, maar gaat ook buiten de school op pad. Of je zit in de bibliotheek of mediatheek.

Ook bij HAVO en VWO kies je een richting. Profielen noemen we die. Het zijn er vier: Natuur & Techniek, Natuur & Gezondheid, Economie & Maatschappij, Cultuur & Maatschappij. HAVO is een voorbereiding op het hoger beroepsonderwijs (HBO). Met je HAVO-diploma kun je ook naar 5 VWO.

In het VWO kun je kiezen voor atheneum of gymnasium. Het grote verschil is dat je op het gymnasium Grieks en Latijn krijgt. VWO is een voorbereiding op de universiteit of het hoger beroepsonderwijs (HBO).